Logo Fietsen123

Nieuws

Het snelfietspad: duur, maar de moeite waard

woensdag 18 april, 2018

Nederland heeft inmiddels al honderden kilometers aan snelfietspaden. Ze zijn een veilige manier om snel op je bestemming te komen, maar veel snelfietspaden komen niet verder dan de tekentafel. De reden: men weet niet of ze de investeringskosten wel waard zijn.

Onterecht, zo concludeert economenblad ESB na een studie naar de kosten en baten van snelfietspaden. Het voorbeeld waarmee ESB deze conclusie wil aantonen, is het snelfietspad tussen Hellevoetsluis en Spijkenisse. Hoewel deze route veel onduidelijke kruisingen en onderbrekingen heeft en op bepaalde punten zelfs te smal is, is de aanleg van het snelfietspad de investering waard. De kosten wegen namelijk niet op tegen de baten.

Het is moeilijk om een directe inkomsten te plakken aan de snelfietsroute. Om toch te berekenen wat zo’n route oplevert, is aan bepaalde onderdelen een waarde toegekend. Denk hierbij aan reistijdwinst, comfort, veiligheid en landschapsbeleving. Bovendien kan een snelfietspad zorgen voor een zogenaamde ‘modal shift’, waarbij het gebruik van de fiets aantrekkelijker wordt. Dit zal het aantal auto’s op bepaalde trajecten aanzienlijk verminderen. In drukkere, verstedelijkte gebieden, zullen de voordelen nog groter zijn.

De Fietsersbond is enthousiast over het onderzoek. Vergeleken met de aanleg van autowegen of spoorlijnen is een snelfietspad goedkoop. Het doel van de snelfietsroute is vooral het verkorten van de reistijd en het bieden van een veilige en comfortabele omgeving voor fietsers.

Moeizame besluitvorming

De aanleg van nieuwe snelfietspaden gaat echter moeizaam. Er zijn namelijk verschillende partijen die inspraak hebben: de route loopt vaak door meerdere gemeenten en ook het Waterschap of ProRail hebben invloed als de route te dicht bij waterwegen of een spoorlijn komt.

Onderzoeker Ernst Bos van het ESB hoopt dat deze studie het besluitvormingstraject versoepelt. Hiervoor zijn harde cijfers nodig, en een onderzoek dat aantoont dat de baten van een snelfietspad hoger zijn dan de kosten, kan hierbij helpen.

De belangrijkste reden dat de besluitvorming traag verloopt, is dat vervoer een complex onderwerp is. Er zijn veel factoren die hierbij een rol spelen, zoals reistijd, milieu en gezondheid.

100 miljoen euro

Het kabinet trekt eenmalig 100 miljoen euro uit voor cofinanciering van gemeentelijke en provinciale fietsinfrastructuur en stallingen bij knooppunten van het openbaar vervoer. Ook hier is de Fietsersbond blij mee. Hoewel een groot deel van het bedrag gebruikt zal worden voor de fietsenstallingen, hoopt een woordvoerder van de organisatie dat ook snelfietsroutes hier baat bij hebben. Volgens onderzoeker Bos is de 100 miljoen euro ‘een stap in de goede richting’. Als dit besteed wordt aan snelfietsroutes, dan levert dit landelijk veel op.

Bron: De Volkskrant


Gerelateerde artikelen

Nieuws

‘Slimme fiets’ moet valpartij voorkomen

In een poging het aantal fietsongevallen tegen te gaan, hebben onderzoekers van de TU Delft een fiets ontwikkeld die niet kan omvallen. Hoe werkt dat? In 2018 kwam een recordaantal fietsers…

Nieuws

5 populaire (fiets)steden in Nederland

Heeft u zin om binnen Nederland een weekendje weg te gaan? Bezoek dan eens een van deze vijf populaire steden. Huur er een fiets of maak gebruik van een OV-fiets en ontspan terwijl u in all…

Nieuws

Een e-bike onder de €1000?

Bijna twee derde van de (potentiële) gebruikers van een e-bike vindt de prijs een van de belangrijkste factoren bij de aanschaf van een e-bike. Voor twee derde van hen is 1000 euro het maxi…

Nieuws

Santiago de Compostela: Cultuurstad

In Santiago is veel meer te zien dan alleen de kathedraal. Wie (bijna) alles wil bewonderen, doet er goed aan een paar dagen langer te blijven. Een verkenningstocht door de Galicische hoofd…

Nieuws

Acht kinderen per dag met voeten tussen de spaken

In 2012 en 2013 kwamen dagelijks acht kinderen met hun voeten tussen de spaken van een fiets. Op jaarbasis ging het om gemiddeld 2800 kinderen in de leeftijd tot twaalf jaar. Dat blijkt uit…